
zondag, juli 15, 2007
Foutje hersteld

maandag, juni 25, 2007
Betonvloer





Inderdaad, vandaag gaat het toch echt gebeuren, vertelt de stevige opperman Dirk als ik half in coma de voordeur open doe. Terwijl ik bedenk hoe we de boel een dagje uit kunnen stellen zodat ik weer kan gaan slapen, rijdt een giga betonmolen de oprit op. Dat wordt helemaal niets verzetten, bedenk ik balend, en ga samen met Wilfred aan de slag.
Want ineens moet er van alles gebeuren. Deuren van de boerderij openen. Onze auto’s aan de kant zetten om plaats te maken voor Rocda’s wagenpark. Een wat norse Dirk aanhoren die overal commentaar op heeft: de kozijnen zijn te laag, de dilatatievoegen te zacht en de stopcontacten te los. Bellen met de installateur om te zeggen dat hij per direct een mannetje moet sturen om al die ‘fouten’ te herstellen. En natuurlijk koffie zetten, veel koffie zetten.
Na een uur als een stel wilde gekken (want nog slaperig en in onze pyjama) rond te hebben gerend, staat alles en iedereen klaar om het beton te gaan storten: twee mannen houden de wel twintig meter lange betonslurf vast, eentje staat aan het uiteinde om de slang te verplaatsen, een andere jongen peilt de hoogte van de vloer met een meterpeil, drie mannen harken het beton aan, één man regelt de betonmolen en wat de laatste man doet, ben ik vergeten.
Het ziet er enorm chaotisch uit. Iedereen harkt en spuit en drukt en roept. Maar toch ligt de 14 m3 beton er voor ’s middags twaalf uur in. Tijd voor het gezelschap om plaats te maken voor twee rustiger en wat oudere heren die al achttien jaar in het betonvloerenvak zitten.
Hun specialiteit: de vloer glad afwerken. Dat doen ze met speciale machientjes die eruit zien als een soort stok met handremmen en onderaan een heel hard rond draaiende curlingschijf. Om één uur ’s middags beginnen ze met ‘boenen’, en zeven uur later zijn ze klaar. Helemaal zwart van de poederkleurstof en grijs van het beton komen ze uit de boerderij lopen. Moe, maar tevreden, schat ik zo in. En als zij dat niet zijn, dan wij wel.
woensdag, juni 20, 2007
Vloerverwarming
Eindelijk is het zover: onze installateur Bokma legt deze week de vloerverwarming aan op de begane grond. Al maanden geleden hadden we afgesproken dat hij rond 18 juni daarmee zou beginnen. Zodat hij daarmee rekening kon houden in zijn planning, en wij ook. woensdag, juni 06, 2007
Plafond



zondag, mei 20, 2007
Veel mannen

Soms zijn er van die klusdagen dat ik helemaal gelukkig ben. In het begin was dat bijna elke klusdag het geval. Stralend tilde ik de 450e gipsplaat naar binnen, kinderlijk enthousiast stond ik bakstenen schoon te bikken, fluitend bracht ik het zoveelste karretje puin naar de stort.
Nu, anderhalf jaar na de start, worden die dagen in rap tempo schaarser. Het nieuwe is er al lang af, het schiet nooit genoeg op, dingen zitten tegen (bouwtekening van de trap blijkt verkeerd en moet worden aangepast, een van onze vaste klussers belt ineens af, budget wordt voor de zoveelste keer overschreden) en de vermoeidheid eist snoeperhard zijn tal. Als op zaterdag om half acht de wekker gaat - in plaats van om half zeven zoals in het begin - gaan de ogen steeds minder makkelijk open, trek ik de gele overall met steeds meer tegenzin aan.
Vorige week zaterdag was een aangename uitzondering op deze regel. Dat kwam zo. Er waren die dag maar liefst vijf sterke en handige mannen tegelijkertijd bezig in de boerderij. Vijf stuks! Drie meer dan anders. Dus drie keer zoveel actie dan normaal. We hadden zoveel mannen opgetrommeld, omdat we weer eens moesten takelen. Ruim honderd gisplaten moesten naar de tweede etage, en verder moesten de radiatoren en de cv-ketel omhoog. Dat doe je niet met z'n tweetjes, en zeker niet als je, zoals ik, een zere rug hebt.
Vijf mannen (en ik) zaten die ochtend dus bij ons aan tafel koffie te drinken, waarna ze om half negen keihard los gingen met het betere sjouwwerk. Terwijl de heren zich in het zweet werkten op ladders en wiebelige brugconstructies, bediende ik de takel - een pittig klusje. Als de lading omhoog moest, drukte ik op de rode knop. Was de takel leeggehaald en kon 'ie naar beneden, dan drukte ik op de zwarte knop. Ik had het er maar druk mee.
Bij de twee voorgaande takelacties liep ik zelf mee te zeulen. Vloog ik trap op en trap af, was mijn T-shirt na een half uurtje sjouwen al doorweekt. Nu niet. Nu stond ik rustig met de gele afstandsbediening in mijn hand naar al die hard werkende kerels kijken. Even moest ik wennen aan deze nieuwe positie van bankzitter, baalde ik dat ik niet mee kon spelen. Maar eerlijk is eerlijk, al na de eerste takelsessie voelde ik me prima thuis in de dugout. Glunderend drukte ik afwisselend op de rode en de zwarte knop, onderwijl de mannen instructies en conplimentjes gevend.
Nog blijer werd ik toen de mannen na de lunch - die ik natuurlijk had bereid - klaar waren met het takelen en met andere klussen begonnen: lassen, kangoën, graven, timmeren. Ineens leek uit elke hoek bouwlawaai te komen, leek er in elke nis een man iets te doen met hamer, boor of schep. Alsof die schreeuwlelijk van 'Extreme Home Make Over' ons huis was binnengevallen met honderd man personeel om de boel binnen een week helemaal te verbouwen. Heerlijk vond ik het. Ook al was het huis aan het einde van de dag niet af.
dinsdag, mei 08, 2007
Bezem

Ik heb de bezem herontdekt. Dat komt zo. Sinds we bouwen, produceren we enorm veel troep. Okay, we zijn misschien geen Shell of McDonalds, maar voor een particulier vind ik het toch een indrukwekkende hoeveelheid.Rug II
De rug. In februari schreef ik al dat de mijne nogal zeer deed. Dat er voortdurend pijnscheuten door heen gingen als ik op stond uit bed, bank of stoel. En dat ik dus maar weer eens naar mijn fysiotherapeut zou gaan. Dat heb ik gedaan.Tom - zo heet 'ie - schrok een beetje van mijn rug. De boel was flink geïrriteerd. Zo erg zelfs, dat hij me per direct op non-actief stelde. Ik mocht bijna niets meer: niet te lang zitten (handig als je veel achter de computer en in de auto zit voor je werk), niet meer hardlopen (leuk als je net mee zou doen aan een 10 kilometer-wedstrijdje), maar vooral: niet meer klussen (helemaal fijn als je een huis bouwt). Ik mocht niet eens meer in de buurt komen van een hamer.
Zo kwam het dat ik de ene dag nog isolatiemateriaal in het plafond duwde, en de andere dag ziek thuis zat. Mooi klote, als bouwvrouw zijnde. Ik baalde enorm. Ineens moest ik het klussen aan Wilfred en vrienden overlaten, hing mijn gele overall ongebruikt aan een haakje, zette ik koffie in plaats van gipsplaten, kon ik alleen nog maar wandelen en liggen; de enige activiteiten die Tom nog wél toestond.
Maar na wat scheldkanonnades en een paar dagen afkicken, vond ik het helemaal niet zo erg dat ik tijdelijk was uitgeschakeld. Wat een rust! Geweldig. En dat twee weken lang!
Inmiddels ben ik weer een stuk opgeknapt, mede dankzij veel professioneel gekneed, gemasseer, gekraak en tientallen stevige ontstekingsremmende pillen - 'paardenmiddelen', volgens de bedrijfsarts. Ik werk weer, maar klussen doe ik nog altijd niet. Ik houd het op de verzorging van mensen die dat laatste wél kunnen, verven, opruimen, en het regelen van alles wat geregeld moet worden voor de bouw.
Echt veel vertraging heeft de bouw door mij niet opgelopen, omdat Wilfred altijd maar blijft doorgaan. Vraag is alleen hoe lang nog. Want afgelopen zaterdag, na acht uur timmeren, liep ook hij ineens krom. 'Door mijn rug gegaan', zei hij heel zielig. Ach, ooit komt dat huis wel een keer af.
donderdag, mei 03, 2007
Vakantie



Ik heb vakantie. Dat wil zeggen: zo staat het bij mijn werkgever in de boeken. In de praktijk heeft dit weekje vrij weinig met uitrusten en ontspanning te maken.
Het staat - zoals de meeste dagen sinds we de boerderij hebben gekocht - bijna volledig in het teken van klussen, bouwen en regelen. En van verkoudheid, want de eerste dag van mijn vakantie lag ik met een fikse snotterbel op bed. Ook dat is inmiddels vaste prik sinds de verbouwing: een paar dagen vrij worden steevast beloond met een griepje.
Met een zakdoek en kruik binnen handbereik begon ik woensdagochtend met het afwerken van ons to do-lijstje. Zo moest ik bellen met ene Abe Hengst, een spacwerker en stukadoor. Ik moest hem vragen of hij een keer bij ons langs wil komen voor het maken van een offerte. En ik moest bellen met onze installateur Bokma om te vragen wie onze nutsvoorzieningen gaat aanvragen, en doorgeven dat de vloerverwarming er voor 25 juni in moet zitten. Verder: bellen met bedrijven die promatectplaten kunnen leveren. Dat brandwerende materiaal hebben we nodig voor de omtimmering van het rookkanaal. Aangezien het nogal duur spul is - ruim 75 euro per vierkante meter - loont het de moeite vaak wel om meerdere leveranciers te bellen.
Na die paar telefoontjes stonden vader en zoon Robin van de Pall uit Zuidhorn op de stoep met een enorme vrachtwagen. Daarin zaten honderd gipsplaten die we een tijd geleden hadden besteld. Want we kwamen een paar tekort voor de tweede etage. Ook dat is inmiddels normaal: dat we te weinig van alles hebben: te weinig rockwool, te weinig mdf, te weinig balken, te weinig verf, te weinig latten. En dat we dus moeten bijbestellen. Vandaar dat er vandaag weer een vrachtje werd afgeleverd. Dat leverde trouwens de nodige opstoppingen op, vooral toen er een dikke tractor aan kwam. Actie op het platteland!
De rest van de middag heb ik vier kozijnen geschilderd. Na het avondeten maakten Wilfred en ik een nieuw to do-lijstje voor de volgende dag en dronken we ineens koffie met Abe Hengst, de spacwerker. Die had onverwachts een vrije avond en wilde graag langs komen. Abe is van het type veel lullen, dus vandaar dat hij al sterke verhalen vertellend ons huis door is gelopen om de boel te inspecteren. Conclusie: hij wil wel een offerte maken. Maar daarvoor moet hij wel eerst weten hoeveel vierkante meters er gestukadoord en gespact moeten worden. En hoeveel 'rechte hoeken' er gedaan moeten worden. Ja ja. Weer een nieuw punt voor het to do-lijstje dus.
Op het in ontvangst nemen van de promatectplaten na - zojuist bezorgd - is het vandaag een semi-rustdag. Met zowaar tijd voor een wandeling en een eetafspraak. Maar vrijdag en zaterdag staan weer als klusdagen te boek. Met veel verven, ritjes naar de stort, het ontvangen van een potentiële klant voor ons overschot aan dakpannen (eindelijk iets te veel van iets besteld!) en het bereiden van lunches voor het klusteam. En dan is de vakantie alweer bijna voorbij.
woensdag, mei 02, 2007
Verven


Ik weet het; de opwarming van de aarde is slecht en gevaarlijk voor mens, dier en natuur. Maar als vrouw op de bouw ben ik er stiekem heel blij mee. Want al die mooie zonnige, droge dagen komen erg goed uit als je de buitenkant van je huis moet verven. In ons geval betekent dat behoorlijk wat werk: de volledige dakgoot en minstens zestien kozijnen wachten nog op minstens twee verfbeurten. Samen zijn dat zeker enkele tientallen meters hout. En die mag ik onder handen gaan nemen.
Dankzij de klimaatverandering kon ik al begin april de verfkwasten uit de terpentine halen. Samen met klushulp Tineke begonnen we op het dakterras, om vorige week de voorgevel van het huis aan te pakken. En dat was helemaal niet erg. Al vervend namen we vanaf onze ladders de laatste nieuwtjes over onze levens door, om tegelijkertijd ook nog een lekker zomers teintje op te lopen. Zo is klussen helemaal niet erg. Hoewel we de volgende keer wel op een andere plek moeten verven, om ook de voorkant van benen en armen net zo bruin te laten worden.
Van mij mag dat weer nog best een tijdje van slag zijn. In elk geval zolang ik nog moet verven.
vrijdag, april 20, 2007
Rookkanaal



zaterdag, maart 10, 2007
Half negen

donderdag, maart 01, 2007
Binnenhuisarchitect



We zijn bij Yvonne geweest, onze binnenhuisarchitect. Al vanaf het begin schetst, ontwerpt en tekent ze voor ons. Zo bedacht ze dat er een loopbrug in het huis moest komen. Briljant idee.
Ook deze keer kwam ze weer met originele suggesties. Stofjes voor onze nieuwe bank en loveseat, een stukje tapijt, kleuren die we op de muren kunnen verven, tegels in de wc en badkamer, plaatjes van wilde dessins voor op de wand. Erg gewaagd soms, maar boeiend en onverwacht.
Of we alle voorstellen overnemen, weet ik nog niet. Meestal moet ik ze een paar dagen op me in laten werken. Meestal is de conclusie dan dat ik ze prachtig vind. En meestal moeten we dan op zoek naar goedkopere alternatieven. Want design is geweldig, maar ook geweldig duur.
Behalve leuk, was het ook vervreemdend om het ineens weer over de inrichting van het huis te hebben. En je te verbeelden hoe het er straks uit komt te zien. Dat gebeurt niet zo vaak. Alleen als de nieuwe VT Wonen of Eigen Huis en Interieur in de brievenbus ligt. Of als we in een meubelzaak staan. Maar ook dat laatste komt maar zelden voor wegens tijdgebrek.
Meestal denk ik aan dingen die nu, of hoogstens volgende week, moeten gebeuren. Zoals het kopen van een nieuwe beitel voor de kangoo, het bestellen van nieuwe schroeven, het wegbrengen van een kar vol gips naar de stort. Het bellen van de aannemer om te zeggen dat hij nou eindelijk die lekkage op de tweede etage eens moet repareren. Of het controleren van de werkzaamheden van de elektricien.
Het was nogal schokkend gisteren om - met mijn hoofd nog vol bouwerige gedachten - bij het architectenbureau te zijn waar Yvonne werkt. Twee uur eerder stond ik nog het stof op te vegen in de boerderij, en nu bevond ik me ineens in een ruimte vol stalen van de meest prachtige tapijten, gordijnen, vloeren, tegels en stoffen.
Maar heerlijk was het ook. Want het drong tot me door dat het er waarschijnlijk echt van gaat komen. Dat het huis straks echt een keertje 'afwerkklaar' is en dat we dus de muren kunnen gaan stuccadoren en verven. Dat we gordijnen op kunnen gaan hangen, een vloer kunnen gaan leggen, en uiteindelijk met een enorm glas wijn voor de open haard kunnen gaan liggen, op een zacht tapijtje.
De hele terugweg heb ik gedroomd van het huis. Hoe mooi het gaat worden, hoe prachtig. Nog altijd droom ik een beetje. En dat probeer ik zo lang mogelijk vol te houden, liefst tot zaterdag. Langer zal me niet lukken. Dan schudden overall, stofmasker, handschoenen en isolatiemateriaal me weer fijntjes wakker.
dinsdag, februari 27, 2007
Mannen op de bouw





Hoe vervelend het klussen soms ook is, er is altijd één lichtpuntje: de mannen op de bouw!
Toegegeven, de één is leuker (om naar te kijken) dan de ander en sommigen hebben meer tekst dan hun collega's, maar het blijven kerels.
Natuurlijk hebben ze niet allemaal de gespierde torso's en knappe koppen van de tuinmannen en timmermannen in Desperate Housewifes of Sex in the City. Net zoals die acterende hunks geen Friese accenten hebben, of hangsnorren, bierbuiken, matjes of armen vol tattoos van naakte vrouwen.
Maar afgelopen zomer tijdens de hittegolf was het wel even serieus genieten. Shirtjes gingen uit, lange broeken werden verruild voor afgeknipte jeans. Beetje zon erop en hup, de zwetende lijven en sterke armen glommen me tegemoet. Ik had maar weinig fantasie nodig om me op de set van een vrouwenserie te wanen. Voor één keer hing ik niet de feminist uit en schonk ik met alle liefde limonade, koffie of biertjes in voor 'mijn' mannen. Voor één keer had ik even geen hekel aan klussen. Voor één keer was ik blij met de klimaatveranderingen.
Zolang het huis nog niet af is, mag het voor mij elke dag wel 30 graden zijn. Mannen hebben rokjes en jurkjes om naar uit te kijken. Ik bouwvakkers.
Rug

Afgelopen week leverde een bouwbedrijf een flinke bestelling bij ons af: 50 pakken rockwool en 400 meter houten vullatten, zoals die dingen heten. De chauffeur - een man met een grote fleecetrui en vriendelijke lach - zette het materiaal netjes op onze oprit. Een half uur werk had hij eraan. Nog een beetje zwetend kwam hij bij me aan tafel zitten. We praatten wat over de kantoorboekhandel die hij vroeger had, en dronken samen een kopje koffie. Zo gaat dat. Toen ging hij weer; hij had nog een ritje naar Rotterdam.
Het was voor het eerst sinds maanden dat er zo'n grote bestelling werd afgeleverd. Vorig voorjaar stond er elke week wel een vrachtwagen voor de deur. De een nog groter en nog met meer vracht aan boord dan de ander. De oprit stond permanent vol. En als we 'm weer eens leeg hadden gehaald, duurde het nooit lang voordat de een of andere machine, container of stapel gipsplaten het pad naar de voordeur weer blokkeerde.


We waren eigenlijk voortdurend aan het sjouwen met zwaar materiaal. Niet zo vreemd dus dat ik aan het einde van de zomer enorme rugpijn had en me bij de fysiotherapeut meldde. Na veel gekneed, gemasseer, geoefen en een partij steunzolen was de rugpijn in december weg. Tot afgelopen vrijdag die aardige meneer dat pakket rockwool kwam brengen.Bij gebrek aan personeel bracht ik alle 50 pakken zelf de boerderij in, en dat geldt ook voor die vullatten. Behoorlijk zware jongens, trouwens. Ik zweette dus flink en voelde her en der wat spieren verzuren. Daarna isoleerde ik nog enkele plafonds. Ook een leuke klus voor rug en armen.
Na een hete douche had ik me 's avonds lekker op de bank genesteld met een glas wijn. Toen ging de telefoon. Ik stond op, maar bleef halverwege haperen vanwege de pijn in mijn rug. Een ouderwetse steek, vol erin. Voorzichtig ging ik weer zitten. En weg was de pijn. Totdat ik wat van de vloer wilde pakken. Huppatee. Weer raak.
Zo is dat sindsdien nog een paar keer gegaan. En ook een paar minuten geleden was het weer raak. Ik loop nu dus een beetje krom, en scheef ook. Sta wat onhandig op uit stoelen. Ga door de knieën als ik iets op moet pakken. Draai me heel langzaam om op bed. Allemaal niet praktisch voor een bouwvrouw. Morgen - woensdag, onze vaste klusdag - doe ik het voor de verandering daarom maar wat rustiger aan. Eén ding zal ik wel doen: de fysio bellen.
woensdag, februari 21, 2007
Isoleren



Hier, drie vrouwen op de bouw. Van boven naar onder: Ingrid, Tineke en ik. Allemaal bezig met hetzelfde kloterige klusje: Het isoleren van het plafond. Met rockwool. Voor degenen onder u die niet weten wat het is: isolatiemateriaal van steenvezels. Ideaal spul om je huis mee warm en geluid mee buiten de deur te houden.
Tot zover de positieve eigenschappen. Want werken met rockwool is echt een verschrikking, zo weet ik sinds kort. Mijn vriend had ik er al over horen klagen en hoewel hij geen typische klager is, vond ik toch dat hij zich wat aanstelde toen hij hoestend en met rode ogen binnen kwam lopen na een uurtje isoleren. Ondanks handschoenen en mondkapje.
Totdat ik zelf de rockwool mocht gaan aanbrengen in het plafond. Ik had al eens wat van dat spul in een muur aangebracht, maar daar had ik geen noemenswaardige verwondingen aan overgehouden. Dit was andere koek. Duw maar eens een strook van dat materiaal recht boven je hoofd in een plafond. Alleen de beweging al - 'boven je macht werken' - is extreem irritant.
Maar als er dan ook nog van die kleine rockwoolvlokken naar beneden vallen, is de lol er snel vanaf. Want die vezels mogen dan een natuurproduct zijn, echt natuurlijk voelt het niet aan als je ze beetpakt, in je oog krijgt of inademt. Meteen begint je huid te jeuken, je oog te prikken en je keel zo erg te irriteren dat je keihard moet hoesten.
Toch maar die overall en handschoenen aangetrokken, dat Michael Jackson-kapje opgedaan en die heel charmante veiligheidsbril opgezet. Als een soort chrirug annex CO2-lasser ging ik opnieuw bezig. De handen en keel bleven ditmaal jeukvrij. En de ogen begonnen ook niet te irriteren. Maar ik was wel op slag blind. Want na 1 seconde ademen via een mondkapje ging die bril direct beslaan. Druk dan dat isolatiemateriaal maar eens precies op de juiste plek in het plafond.
Ik en ook Ingrid en Tineke weten nu dus dat Wilfred zich niet aanstelde over het hoge irritatie-gehalte van rockwool. Een van de elektriciens vertelde dat er zelfs bouwvakkers-in-spé een ander vak hebben gekozen omdat ze allergisch bleken te zijn voor rockwool. Zover is het nog niet met mij. Nóg niet. Maar ik moet nog 50 pakken. Tegen de tijd dat ik die heb weggewerkt, ben ik dat wel.









